Vastgoedregel • beleggers, verhuurders

Box 3: belasting op vermogen en vastgoed

De vermogensrendementsheffing op vastgoed en spaargeld, inclusief het tegenbewijsrecht op werkelijk rendement.

In het kort

Vastgoed in box 3 (zoals verhuurde woningen of een tweede huis) wordt forfaitair belast. Na recente arresten van de Hoge Raad mag je aantonen dat je werkelijke rendement (huur minus kosten en waardeverandering) lager was dan het fictieve percentage van de Belastingdienst.

Hoe het nu werkt

### Forfaitair stelsel en overgangsfase De Belastingdienst rekent voor overige bezittingen (waaronder verhuurde woningen) met een wettelijk fictief rendement (voor 2024–2026 rond de 6%). Hierover betaal je circa 36% inkomstenbelasting. ### Tegenbewijsrecht Blijkt je werkelijk behaalde netto-rendement in een belastingjaar lager dan dit forfait? Dan kun je via een digitaal formulier "Opgaaf Werkelijk Rendement" bezwaar maken en enkel belasting betalen over het werkelijke rendement. ### Wat telt als werkelijk rendement bij vastgoed? * Daadwerkelijk ontvangen bruto huur minus directe onderhouds- en beheerkosten. * De reële waardeverandering van het pand in het kalenderjaar (op basis van WOZ of taxatie). * Rente op leningen aangegaan voor het vastgoed.

Wat er verandert

Vanaf 2027 of 2028 treedt naar verwachting een definitief nieuw stelsel in werking op basis van werkelijk rendement (vermogensaanwasbelasting of vermogenswinstbelasting). Het kabinet werkt momenteel aan de definitieve wettekst.

Officiële bronnen & documenten